Over de kabelbaan

De Floriade Almere 2022 B.V. heeft het initiatief genomen om een tijdelijke kabelbaan te realiseren op het Floriadeterrein. Met de kabelbaan kunnen bezoekers zich gedurende de openstelling van de Floriade Almere 2022 gemakkelijk en comfortabel over het Floriadeterrein verplaatsen. De firma Doppelmayr Cable Car Gmbh & Co uit Oostenrijk realiseert de kabelbaan, die geheel elektrisch is. De kabelbaan heeft tussen het noord- en zuidstation een lengte van 850 meter. Voor de overbrugging van deze afstand worden 7 masten geplaatst van 35,43 meter hoog, waarbij de kabels op 31 meter hoogte hangen. In totaal krijgt de kabelbaan 34 gesloten cabines die op een afstand van 80 meter van elkaar hangen. Per cabine zijn 10 zitplaatsen beschikbaar.

Aanvraag omgevingsvergunning

De kabelbaan past niet in het bestemmingsplan Almere Centrum Weerwater – Floriade, omdat dit initiatief bij de vaststelling van het bestemmingsplan nog niet bekend was. De gemeente Almere heeft op 18 juni 2020 de aanvraag voor de omgevingsvergunning ontvangen.

Uitgebreide procedure

Voor deze aanvraag omgevingsvergunning moet de uitgebreide procedure doorlopen worden. Dat betekent dat, vóórdat deze aanvraag kan worden ingediend, moet worden beoordeeld of deze activiteit zodanige nadelige gevolgen voor het milieu kan hebben dat een milieueffectrapport moet worden opgesteld (collegebesluit). En er is een verklaring van geen bedenking nodig (raadsbesluit).

Besluitvorming

16 juni 2020    Het college besluit op basis van de aanmeldingsnotitie m.e.r. dat er geen milieueffectrapport hoeft te worden opgesteld.
25 augustus 2020    Het college stemt onder voorwaarden in met een verzoek van Floriade Almere 2022 BV om vooruitlopend op de definitieve vergunningverlening met de bouw van de kabelbaan te starten.

Voorwaarden

De voorwaarden zijn onder andere dat er pas gedoogd kan worden als er een ontwerp-verklaring van geen bedenkingen van de gemeenteraad ligt en dat de voorwaarden die in de ontwerpvergunning zijn opgenomen, moeten worden nageleefd. Deze zien onder meer op de bescherming van broedvogels, bevers en vleermuizen.

Reden gedogen

Reden om te gedogen is dat de bouw van de kabelbaan complex en daardoor tijdrovend is. De werkzaamheden moeten worden afgestemd met onder meer de bouw van paviljoens, de inrichting van de openbare ruimte, het aanleggen van het Arboretum, het trekken van kabels en leidingen en het voortplantingsseizoen van bevers. De gemeente heeft de vergunningsaanvraag al getoetst en akkoord bevonden op het vlak van de bouwtechnische regels.

8 september 2020    De volggroep Floriade stuurt de door de raad gevraagde second opinion op het m.e.r.-beoordelingsbesluit van het college naar de gemeenteraad.

15 september 2020    De second opinion is voor het college reden om nogmaals kritisch te kijken naar de aanmeldingsnotitie m.e.r.. Het college is van mening dat het m.e.r.- beoordelingsbesluit op basis van de aanmeldingsnotitie terecht is genomen, maar vinden ook dat een aantal onderwerpen duidelijker en met meer achtergrondinformatie in de aanmeldingsnotitie opgenomen had kunnen worden. Daarom heeft het college de aanvrager gevraagd om de aanmeldingsnotitie aan te vullen met een oplegnotitie waarin, op de punten die worden genoemd in de second opinion, aanvullende informatie wordt gegeven. Het college besluit op basis van de aanmeldingsnotitie en de oplegnotitie, dat de kabelbaan niet m.e.r-plichtig is.

15 september 2020    Het college start de afwijkingsprocedure opnieuw op, om af te wijken van het geldende bestemmingsplan voor de bouw van een kabelbaan. Het college legt de ontwerp-verklaring van geen bedenkingen opnieuw voor aan de gemeenteraad.

Bij besluit van 25 augustus 2020 heeft het college de afwijkingsprocedure voor de tijdelijke kabelbaan Floriade opgestart en de raad om de benodigde verklaring van geen bedenkingen gevraagd. Vervolgens heeft het college kennis genomen van een in opdracht van de volggroep Floriade opgestelde, second opinion op de door aanvrager ingediende aanmeldingsnotitie. Dit is aanleiding geweest voor het college om aanvrager te vragen om, met een oplegnotitie, een aantal zaken uit de aanmeldingsnotitie duidelijker op te schrijven. Dit is gebeurd en op basis daarvan heeft het college op 15 september 2020 een n ieuw m.e.r.-beoordelingsbesluit genomen, dat het vorige besluit vervangt.

De procedure kan nu, na het nemen van dit vervangende besluit, worden voortgezet.

24 september 2020    Raadsbespreking Raadsvoorstel Ontwerp-verklaring van geen bedenkingen voor kabelbaan op Floriadeterrein (RV-56) 

1 oktober 2020    Besluitvorming Raadsvoorstel Ontwerp-verklaring van geen bedenkingen voor kabelbaan op Floriadeterrein

Aangenomen (70% voor/30% tegen)

8 april 2021    Raadsbespreking Raadsvoorstel Verklaring van geen bedenkingen voor kabelbaan op Floriadeterrein
8 april 2021    Besluitvorming Raadsvoorstel Verklaring van geen bedenkingen voor kabelbaan op Floriadeterrein
Aangenomen (68% voor/32% tegen)

Bezwaar tegen gedoogsituatie

Ook tegen een gedoogsituatie kunnen belanghebbenden in verweer komen. Belanghebbenden die het niet eens zijn met het gedogen van de werkzaamheden kunnen een handhavingsverzoek indienen bij de gemeente. Tegen het besluit dat de gemeente op het handhavingsverzoek neemt is bezwaar mogelijk, en tegen de beslissing op bezwaar kunnen belanghebbenden in beroep gaan bij de bestuursrechter. Mocht dit tot het oordeel leiden dat ten onrechte wordt gedoogd, dan moeten de gedoogde werkzaamheden worden gestaakt. De gedoogde bouwwerkzaamheden die tot dan toe zijn uitgevoerd moeten dan ongedaan worden gemaakt.

Verkeersveiligheid

Rijkswaterstaat is, als wegbeheerder van de A6, de aangewezen instantie om de verkeersveiligheid te beoordelen. Rijkswaterstaat heeft de verkeersveiligheid getoetst en de benodigde vergunning verstrekt. Het aspect verkeersveiligheid is ook opgenomen in de aanmeldnotitie m.e.r. (paragraaf 3.10).

De verkeersveiligheid wordt gewaarborgd door de volgende vergunningsvoorwaarden:

  • De kabelbaan wordt uitsluitend overdag ingezet. Het gebruik van de kabelbaan is niet toegestaan bij mist en duisternis;
  • Inzittenden van de cabines mogen niet zichtbaar zijn voor weggebruikers van Rijksweg 6 (A6);
  • Op of aan de cabines mogen geen zichtbare reclame-uitingen zijn voor de weggebruikers;
  • De cabines mogen niet in- of extern verlicht zijn;
  • De cabines moeten zodanig zijn uitgevoerd dat het niet mogelijk is om voorwerpen uit de cabines te werpen.
  • De cabines moeten zodanig zijn uitgevoerd dat er geen verblinding ontstaat die het visuele vermogen van de weggebruiker kunnen verhinderen.
  • De cabines moeten zodanig zijn uitgevoerd dat er geen nadelige elementen/stoffen (vuil, ijs, olie, etc.) op de weg terechtkomen waardoor gevaar of hinder ontstaat die het berijden van de Rijksweg kan beïnvloeden.
  • De cabines mogen niet gebruikt worden bij extreem weer (KNMI begrippen), bijvoorbeeld bij windstoten tussen 75 en 120 km.