Het Bivak

Dit jaar is het 45 jaar geleden, dat de eerste bewoning van Almere plaatsvond. Op 1 december 1975 werd de sleutel voor de stacaravan in het Bivak uitgereikt door de landdrost, een burgemeester van een nog niet bestaande gemeente, W.M. Otto. Dit jaar is het boek De Allereerste Almeerder geschreven. Het boek gaat  over Wim Leeman, de Rijkspolitieman, die de eerste sleutel in ontvangst nam. Hij is de hoofdpersoon van het boek dat is samengesteld door Jak Boumans in het kader van het Levensboekproject van Humanitas.

Het Bivak

Dit jaar bestaat het Bivak 45 jaar. Op 1 december 1975 overhandigde de landdrost W. M. Otto de sleutel tot zijn stacaravan aan Wim Leeman. . Zijn stacaravan maakte deel uit van acht stacaravans, waarin de kwartiermakers van de nieuw te bouwen stad Almere tijdelijk werden gehuisvest. De tijdelijke behuizing was bedoeld voor een jaar, maar zou uiteindelijk blijven bestaan tot juli 1978. Nu is Bivak een officiële straatnaam en de naam van een appartementencomplex.

De plannen voor de nieuwe stad Almere werden concreet aangepakt in 1973. Voor het plannen van deze stad was in Lelystad een Projektburo (spelling van de jaren zeventig - JB) opgericht met een groep jonge stedenbouwkundigen, planologen, sociologen en architecten. Deze mensen worden ook wel de peetvaders van Almere genoemd. Toezicht op o.a. de bouwactiviteiten, de veiligheid op de dijk en het toezicht op flora en fauna werden toegewezen aan de Rijkspolitie.

Vanaf 1973 begon men bij zand op de kleigrond op te spuiten als ondergrond voor de eerste woonkern Almere Haven. De landdrost stelde als eis dat de politie ter plekke moest zijn op het moment dat de eerste paal de grond in zou gaan in september 1975. Deze eerste paalslag voor de bouw van de eerste woningen in Almere Haven vond plaats op 30 september 1975 en werd verricht door de minister van Verkeer en Waterstaat Tjerk Westerterp.

Onderhandelingen over woongelegenheid voor o.a.  politiemensen werden toen opgestart. Wim Leeman zag het wonen in de woestenij wel zitten, al was het maar voor tijdelijk. De plaats van de stacaravans werd gesitueerd aan de tijdelijke ontsluitingsweg. Aan de overkant daarvan stonden toen barakken met kantoorruimte voor de mensen van de RIJP (toelichten), maar ook het politiebureau en de dokterspost voor de GGD-broeders en de huisarts.

Naamgeving

In een memo van de RIJP van 15 oktober 1975 is er overeenstemming over de plaatsing van acht ‘snelle’ woningen en wordt een plan voor bestrating en afwerking van het terrein geleverd. Ook werd gevraagd: “Heeft U suggesties voor de naam van het hofje?” Het antwoord van Wim liet niet lang op zich wachten: Als ik de omgeving en de huisjes bekijk en de tekening bestudeer, dan lijkt het hofje op een bivak, een soort kampement zoals in militaire dienst. De naam Bivak werd op 5 november 1975 aanvaard als tijdelijke straatnaam door het Dagelijks Advies College (DAC), de voorloper van college van Burgemeester en Wethouders (B&W). Op 6 november 1975 plaatste Het Parool het bericht over de naamgeving:

“De kwartiermakers ontvingen op 28 november een brief over de inpassing van de nederzetting, waarin de naam Bivak als straatnaam werd aangemerkt. Ook werd op de plantekening van Almere-Have Fase 1 de naam Bivak en de plaats van de stacaravans aangebracht.”

Op 1 december werd het Bivak in gebruik genomen. Na de ondertekening van het huurcontract, zei de landdrost in zijn toespraak:  “Dit gebied is nog geen 10 jaar oud en U hebt zich allemaal vrijwillig beschikbaar gesteld om Uw comfortabele omgeving te ruilen voor een tijdelijk verblijf in deze onbeschutte wildernis. Ik vind het moedig dat U, 13 volwassenen en 9 kinderen, in een isolement gaat wonen, van waaruit U pas met de komst van de eerste bewoners van de stenen huizen verlost wordt”.

De behuizing was duidelijk bedoeld voor een jaar. Daarna zouden voor de tijdelijke woningen andere bestemmingen worden gezocht. Maar nog vóór het eerste jaar om was, werd duidelijk dat het Bivak  langer zou blijven bestaan. Op 3 november 1978 werd de laatste pionierswoning weggesleept uit het Bivak. Beetje voor beetje waren de huisjes gedemonteerd en weggevoerd naar andere bestemmingen.

Daarmee verdween een stukje echte Almeerse geschiedenis van de allereerste, niet officiële bewoners van Almere. Ook het straatnaambord Bivak verdween en hangt nu in het kleinste museum van Almere, de kleinste kamer ten huize van Wim Leeman. De Almare van 9 november 1978 meldde onder de kop Bivak weg: “Vrijdagmiddag (3 november) is in opdracht van de Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders de laatste van de acht Bivak-woningen weggehaald. Daarbij is een pertinent einde gekomen aan deze allereerste pioniersnederzetting van Almere Haven.”

De naam leeft voort

Een paar dagen na de ontruiming van het Bivak werd duidelijk dat de naam Bivak niet vergeten moest worden Prins Carnaval Willem de Eerste kwam ter voorbereiding van het nieuwe carnavalsseizoen op de 11e van 11e langs in zijn oranje automobiel om het lot van het fameuze Bivak te bezegelen, maar de naam te bewaren. Op de plaats van het Bivak stratenbord bracht hij een blauw geschilderd bord aan met ‘Bivakweg’.

Nu wordt de Almeerder nog herinnerd aan het hofje met de straatnaam Bivak en de naam Bivakbrug. Sinds 1985 is het ook de naam van het appartementencomplex gelegen aan Bivak. In de straat Bivak staat  ook het eerste gemeentelijke monument van Almere:  het politiebureau. Dit is het eerste gerealiseerde ontwerp van het nu wereldberoemde architectenbureau OMA.

Jak Boumans
Samensteller De Allereerste Almeerder: Wim Leeman (Humanitas Project Levensboek)
10 april 2021

RIJP, Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders.