Naamgevingscommissie

Naamgevingscommissie openbare ruimte Almere

Systematiek, werkwijze en wettelijke grondslag

Samenstelling commissie

De Naamgevingscommissie bestaat uit 11 leden:

  • 4 burgerleden, waaronder de voorzitter
  • 1 lid namens de eerstelijns hulpdiensten (politie, brandweer, GGD)
  • 1 lid namens PostNL
  • 1 ambtenaar voor de huisnummering
  • 1 ambtenaar voor de straatnaamborden
  • 1 ambtenaar voor gegevensmanagement
  • 2 ambtenaren voor het ontwerp en planologie
  • 1 ambtelijk secretaris (geen lid van de commissie)

Werkwijze naamgeving

  • Namen van openbare ruimten moeten tijdig vastgesteld zijn voor het verlenen van omgevingsvergunningen.
  • De naamgevingscommissie adviseert het college van burgemeester en wethouders (B&W).
  • Het college van B&W stelt, in opdracht van de gemeenteraad, de namen vast. Deze taak is gemandateerd aan de afdelingsmanager Stadsbedrijf van de gemeente.
  • Na ondertekening wordt dit besluit gestuurd aan alle belanghebbende instanties (hulpdiensten, PostNL, projectontwikkelaars, nutsbedrijven etc.) en komt het besluit in de Openbare Bekendmakingen te staan.
  • Naamgeving gebeurt op basis van de daarvoor gestelde criteria.
  • Bestaande namen worden niet gewijzigd, tenzij er zwaarwegende redenen blijken te zijn die destijds bij de oorspronkelijke naamtoekenning niet bekend waren.

Algemene criteria

  • Namen van openbare ruimten zijn uniek binnen de stad.
    De naam mag niet hetzelfde zijn als, of te veel lijken op een andere naam binnen Almere, in schrijfwijze of in de manier waarop je het uitspreekt.
  • Naamgeving van openbare ruimten gebeurt op basis van samenhangende naamcategorieën, -thema`s en gangbare typologieën in Almere.
    De naam moet het mogelijk maken dat gebruikers zich, door het logisch en consequent gebruik van categorieën en achtervoegsels, gemakkelijk kunnen oriënteren in Almere, 
  • De naam moet direct duidelijk zijn voor de hulpverlening.
    Namen moeten goed uitspreekbaar en niet te moeilijk te schrijven zijn.
  • De naam mag geen ongewenste associaties oproepen of verbasterd kunnen worden.
    Toe te kennen namen mogen niet worden afgeleid van namen van bestaande commerciële instellingen en mogen ook niet gemakkelijk met dergelijke instellingen worden geassocieerd.
  • Bij het vernoemen van personen zijn we extra zorgvuldig.
    Personen worden pas vernoemd vanaf 10 jaar na overlijden, met uitzondering van leden van het Koninklijk Huis. Voor vernoeming voorgedragen personen zijn van onbesproken gedrag en moeten hebben bijgedragen met bijzondere verdiensten.
  • Straten mogen elkaar niet twee keer kruisen.
    Kruispunten moeten een unieke set kruisende namen krijgen.
  • De naam mag maximaal 24 tekens hebben, inclusief spaties.
  • De naam mag geen woorden uit andere talen bevatten, anders dan in namen van personen.
  • De naam mag geen (delen van) zinnen, uitspraken of citaten bevatten

Achtervoegsels

Type openbare ruimte

Dreef: doorgaande wegen rondom de wijken
Weg: toegangsweg voor een wijk
Laan: brede weg met aan beide zijden bomen, vaak een belangrijke straat in de wijk
Straat: hier kun je in ieder geval met de auto bij de bebouwing komen
Pad: langzaam-verkeerroute, doorgaans niet bedoeld of geschikt voor auto`s
Hof: besloten bebouwing (uitzondering: wijk De Hoven in Haven – hier eindigen alle namen op ‘hof’)
Plein: open bestrate ruimte tussen gebouwen
Plantsoen: openbare tuin met planten en struiken    
Plaats: open bestrate plek veelal bedoeld om voertuigen te parkeren
Boulevard: lange, brede, gewoonlijk met rijen bomen beplante straat in een stedelijke omgeving

Wijknamen

Almere Stad: wijk (uitz.: Tussen de Vaarten)
Almere Buiten: buurt
Almere Poort: kwartier
Almere Hout: horst
Almere Haven: elke wijk is vernoemd naar het achtervoegsel van de straat: De Hoven, De Wierden, De Velden, etc.

Deze richtlijnen zijn ontleend aan: Benoemen, nummeren en begrenzen. Handboek voor gemeenteambtenaren die zijn belast met het benoemen van de openbare ruimte, het nummeren van vastgoedobjecten en het begrenzen van gebieden. (VNG uitgeverij, Den Haag, 2005, blz. 76-87)

Wettelijke grondslag