Woongeluk in Almere

In het jaar waarin we de commissievergaderingen vanuit onze comfortabele werkplek thuis of op kantoor deden, nam de hoeveelheid aanvragen voor transformatie en verdichting onverminderd toe.

Ruimte zoeken binnen de stadsgrenzen is een logische ontwikkeling voor een groeiende stad als Almere. Soms ontstaan hier fantastische nieuwe plekken waar je zo zelf zou willen wonen, maar steeds vaker worden de grenzen van het wooncomfort flink overschreden. We twijfelden dan als commissie: wordt het hier straks wel leuk? Zijn dit de buurten van de toekomst en is de (woon)visie van Almere hier genoeg sturend?

De stad, 50 jaar geleden bedacht als woonstad in een jong Hollands polderlandschap, werd onder andere succesvol vanwege de vele woonmogelijkheden voor de bewoners. Anders dan in Amsterdam waren hier betaalbare woningen met tuinen, een omgeving voor een toekomst met kinderen. Met ruimte voor experiment en mogelijkheden voor het uitvinden van nieuw woon- en leefgeluk. De ontwikkeling van het stadshart maakte van Almere een echte stad, met meer stedelijke woningen, hoogbouw. Nu met een nationale wooncrisis, is er een enorme verdichtingsopgave. De Woonvisie 2020-2030 begint daarom met een duidelijke strategische ambitie en biedt vooral ruimte aan de ontbrekende kleinere woningen.

Dat er behoefte is aan kleinere woningen is duidelijk. Juist deze woningen, voor ouderen die juist meer thuis zijn, of startende jongeren in een onzekere en spannende levensfase, worden vaak gerealiseerd met weinig kwaliteit. Er missen, in de transformatie en verdichtingsopgave, en in de Woonvisie 2020-2030, handvatten om te sturen op woonkwaliteit.

Woningen zonder balkons, eenzijdig georiënteerd op het noordoosten, die zelden zonlicht krijgen of juist de hele dag, waardoor ze makkelijk oververhit raken of woningen aan geluidsbelaste zijden, aan een rijksweg of spoor of zelfs direct aan parkeergaragegebouwen, komen voortdurend ter advies bij ons voorbij. Het zijn woningen waarvan je weet dat je het raam ‘s avonds dicht moet om te kunnen slapen, of waar de zon misschien juist de hele dag op het raam brandt zodat de gordijnen altijd dicht blijven. Woongebouwen waar bewoners elkaar niet kunnen ontlopen en waar geen ruimte is voor ontmoeting; waar het daglicht maar moeilijk binnendringt en waar je afhankelijk bent van een mechanische ventilatie voor verkoeling.

Een commissie welstand en erfgoed  mag over binnenkwaliteit van de woningen weinig zeggen. We oordelen op het beeld, de ruimtelijke kwaliteit en de inpassing. Maar als het gaat om de welstand van een buurt en het effect van slechte woningen op het aanzien van de directe omgeving, dan is de kwaliteit van de woningen een directe indicatie voor het toekomstige succes van een gebied. Veel van de kleinere woningen zijn van dusdanig ondermaatse kwaliteit dat bewoners er waarschijnlijk niet lang zullen blijven en zich daarmee ook niet verantwoordelijk voelen voor hun omgeving. Zo’n buurt wordt anoniemer en de omgeving naargeestiger.

Terwijl het woonproject Duin in Almere Poort inzet op een permanent vakantiegevoel en het woongeluk van straat tot strand voelbaar is, zien we langs het spoor, aan parkeerhoven of voormalige bedrijfsterreinen, plannen zonder enig gevoel of visie over gebruik of toekomst.

Almere zou haar rol in het creëren van woongenot moeten koesteren met een aanvullend beleid dat de excessen van transformatie en verdichting, vooral voor al die kleine woningen, voorkomt. De Woonvisie zou zo niet alleen de kwantitatieve, maar ook de kwalitatieve verdichting van Almere kunnen waarborgen. Alleen dan blijft Almere een stad van de toekomst.

Fenna Haakma Wagenaar

Aanbevelingen wonen

  • Ontwikkel vooral voor kleine woningen aanvullend beleid dat de excessen van transformatie en verdichting voorkomt.
  • Zorg dat de Woonvisie niet alleen de kwantitatieve, maar ook de kwalitatieve verdichting van Almere waarborgt.

Fenna Haakma Wagenaar

Stedenbouwkundig lid 

Fenna Haakma Wagenaar  is architect/planner, momenteel werkzaam als hoofdontwerper voor de gemeente Amsterdam. Als architect werkte zij onder andere voor SANAA (stadstheater Almere) en OMA. In Londen was zij onderdeel van het kleine ontwerpende planning team met de opgave de transformatie van het voormalig industriële gebied in Oost-Londen goed in te zetten bij het realiseren van strategische en groene ambities. Zij was onder meer medeverantwoordelijk voor de London Housing Design Guide (2011), die een enorme verandering teweegbracht in de kwaliteit van de in Londen ontwikkelde woningen. Met de kennis van 15 jaar de enorme Londense opgave op zak, keerde zij in Nederland terug in 2016. Ze werkte de afgelopen jaren als stedenbouwer aan de verdichtingsopgave in Rotterdam en Amsterdam, waar de kwalitatieve uitdaging tegenover de enorme kwantitatieve opgave een spannende uitdaging blijft. Fenna zoekt in haar werk naar de ruimte binnen projecten en beleid, om aan de voorkant te sturen op de kwaliteit van de openbare ruimte en het wonen; ook in Almere de basis voor woongeluk en goede buurten.