Interviews dak- en thuisloze jongeren

Almere is een van de 14 gemeenten/regio’s die mee doet aan het landelijk Actieprogramma Dak- en Thuisloze Jongeren. Onderdeel hiervan is de pilot terugdringen dak- en thuisloze jongeren. Samen met maatschappelijk partners in de stad zijn belangrijke stappen gezet.  In een reeks interviews vertellen wij meer over de pilot.

Froukje de Jonge: "Je wordt niet door één probleem dakloos, er spelen altijd meerdere problemen mee"

Wethouder Froukje de Jonge buigt zich in het college van burgemeester en wethouders van Almere onder meer over wonen met zorg.

Wat houdt de pilot Dak- en thuisloze jongeren voor jou in?

"Ons doel is dat er 100% minder dak- en thuisloze jongeren zijn in Almere. Daarom werken we aan 100 extra woningen. In het voortraject moet je veel doen voor deze jongeren, zoals het briefadres voor ze regelen, zorgen dat jongeren op school blijven, verminderen van stress bij deze jongeren, hulp bij schulden en dat ze niet van de ene plek naar de andere plek moeten voor een slaapplaats. Die kant van de zaak moeten we goed organiseren. Als ik kijk naar die kant dan hebben we dat goed gedaan. Ook hebben we nu een speciale website voor dak- en thuisloze jongeren.  Onze informatie op deze site is beoordeeld door het landelijke cliënten panel van jongeren. En ze hebben aangegeven dat ze onze site in orde vonden en de informatie die er op staat nuttig. 

Daarnaast hebben we 100 woningen voor deze jongeren nodig. En 100 is hierbij een richtgetal, we werken hiernaartoe. Want woningen is een groot probleem. Er zijn gewoonweg te weinig betaalbare kleine woningen. Daar moet dus een oplossing voorkomen anders kunnen we dit probleem niet oplossen. Gelukkig zijn de eerste woningen er nu en ik hoop dat we 100 woningen gaan halen."

Waarom is het zo belangrijk voor een jongere dat die een woning heeft?

"Laatst sprak ik nog met een jongere en die omschreef het heel helder. ‘Pas als je rust hebt en je basis op orde is, kan je verder gaan denken. Over wat je verder wilt doen met je leven, welke stappen en inspanningen er genomen moeten worden. Maar als je nog de hele dag bezig bent met het regelen van waar je moet slapen, dat voelt de rest als een last.’ Hij had het gevoel dat hij mensen tot last was en in de weg stond als hij om een slaapplek vroeg. En dat levert hem veel stress op."

Waar ligt jouw drijfveer?

"Veel mensen hebben iets met dit onderwerp, ik ook. De keuze is ‘doe je het niet’ of ‘doe je het goed’ en dan vind ik de tweede heel belangrijk. Het probleem is heel groot voor deze jongeren en wij willen dit voor hen oplossen. Heel lastig, maar we willen en moeten dit oppakken.  
Jongeren zitten in de knel en dat wil je niet. Je wil dat jongeren aan een stralende toekomst kunnen werken en niet dat ze gebukt gaan onder grote problemen. Wij als overheid hebben hierin een belangrijke verantwoordelijkheid. En voor de gemeente ligt deze voor een groot deel in mijn portefeuille. Ik denk daarbij aan: werktoeleiding, schulden, armoede, etc. Maar… je moet ook woningen realiseren voor deze jongeren."

Kun je iets vertellen over de samenwerking met partners?

"Je wordt niet door één probleem dakloos, er spelen altijd meerdere problemen mee. En hiermee moeten ze geholpen worden. En daar zit de link vind ik, met de pilot Dak- en thuisloze jongeren. We kunnen dit niet als overheid alleen, maar zoeken de partijen op. Hoe werken we samen en op verschillende momenten. En hoe stemmen we alles af om deze jongeren te helpen om zo deze situatie te beëindigen. Dat vind ik het mooie aan Almere. Er is zoveel bereidheid onder partijen om de handen in één te slaan en dat is hier in deze pilot ook zeker gebeurd."

Wat is er nog meer mogelijk? Hoe gaat het verder na de pilot?

"Pilots hebben alleen zin als het probleem tijdelijk is en dat is dit niet! Over vijf jaar zullen er ook weer jongeren zijn die op straat belanden. We moeten dit dus structureel maken inclusief een werkwijze. Ik zie zowel bij de Schoor, Leger des Heils, woningbouwcoöperaties en collega’s dat ze met hart en ziel hieraan werken. Deze wilskracht en energie is ook nodig als je zo’n probleem wilt oplossen. Tegelijkertijd als je iets structureel wilt maken, dan moet dit niet van deze mensen afhankelijk zijn. De mensen zijn essentieel en hard nodig, maar toch moet je borgen dat als iemand wegvalt, het door kan blijven gaan. Dat is iets waar we over moeten nadenken. Daarnaast wordt het juist na een aantal jaar heel interessant, want dan zie je pas of al je interventies geholpen hebben. Daar ben ik als wethouder erg nieuwsgierig naar. Wat gebeurt er met de jongeren die we een huis en hulp hebben gegeven. Pakken ze hun leven goed op? Of keert het probleem toch weer terug om bepaalde redenen? Dat gaan we allemaal volgen om hier beter inzicht in te krijgen.

Ook het snelle ingrijpen vind ik belangrijk. De jongere die ik laatst sprak had het namelijk over ‘van kansen profiteren’. Hij was heel duidelijk over de pilot en dat hij dit zag als een kans die hij met beide handen wilde aangrijpen."

Waarom is het belangrijk dat collega’s en inwoners deze verhalen lezen?

"Dat heeft te maken met het ‘leren kennen’. Dak- en thuisloze jongeren worden soms ook direct geassocieerd met jongeren die stelen, drugs gebruiken, etc. En dat is echt niet het geval. Met de expositie “Meer dan een dak boven je hoofd” die in het stadhuis te zien is in de maand december, willen we iets doen aan deze beeldvorming en daarbij alle kanten van het dakloos zijn belichten. Dat verdienen deze jongeren. En alle mensen die hen daarbij ondersteunen."

Kayleigh: ‘’De mindset veranderen van ‘onmogelijkheden’ naar ‘mogelijkheden’ is een uitdaging’’

Almere is een van de 14 gemeenten/regio’s die mee doet aan het landelijk Actieprogramma Dak- en Thuisloze Jongeren. Onderdeel hiervan is de pilot terugdringen dak- en thuisloze jongeren. Samen met maatschappelijk partners in de stad zijn belangrijke stappen gezet.  In een reeks interviews vertellen wij meer over de pilot. Dit keer een interview met Kayleigh (25) die sinds 1,5 jaar bij Stichting Surant werkzaam is. Surant zet zich in voor de ondersteuning van (ex-)gedetineerden, om hun plek binnen de samenleving (weer) te vinden. De drie hoofddoelen van de stichting is het bieden van zorg tijdens detentie, zorg na detentie en preventie van criminaliteit. 

Kayleigh is de coördinator van het Buiten Re-integratiecentrum (RIC) in Almere. Zij begeleidt zowel vrijwilligers als stagiaires in het ondersteunen van (ex-)gedetineerden. Dit doen zij op de vijf leefgebieden namelijk; wonen, werk, financiën, zorg en regelzaken. Sinds 2021 is Surant bevoegd om briefadressen aan ex-gedetineerden, dak- en thuislozen uit Flevoland te bieden. Kayleigh is hier verantwoordelijk voor het monitoren van de afspraken en verantwoording bij de gemeente. Voor haar afstudeeronderzoek is ze bij stiching Surant terecht gekomen en is ze destijds gevraagd mee te doen met de pilot. Zij heeft de Hbo opleiding Social Work afgerond waarbij zij gespecialiseerd is in de Jeugd.

Wat is jouw rol geweest binnen de pilot?

"Het verstrekken van een briefadres is onderdeel van een begeleidingstraject. Bij het afgeven van een briefadres wordt samen met de ex-gedetineerde een ondersteuningsplan opgesteld. In dit plan worden de doelen met betrekking tot de terugkeer in de samenleving, van de ex-gedetineerde, in meegenomen. Hier kijken wij samen met de persoon naar zijn/haar ambities, behoeftes en de wijze waarop wij hierop aan kunnen sluiten. De uiteindelijke doel hiervan is de zelfredzaamheid bij deze persoon aanwakkeren en vergroten. Daarnaast is het belangrijk dat de leefgebieden op orde zijn. In het praktijk zien wij dat de leefgebieden elkaar beïnvloeden. Hier kan je denken aan het niet hebben van een baan en financiële problematieken dat weer voor gezondheidsproblemen kunnen zorgen.

Wanneer je geen woonplek hebt, is het (bijna) onmogelijk om binnen de samenleving (actief) te participeren. Zodra iemand bij Stichting Surant een briefadres ontvangen heeft, is zij verplicht om minimaal één keer in de week de post op te komen halen. Als zij moeite met het afhandelen en/of ordenen van de post ervaren, kunnen zij ondersteuning van de vrijwilligers ontvangen. Op die manier zijn wij meer in contact gekomen met zowel jongeren als volwassenen die dakloos zijn. Deze jongeren en volwassenen hebben bij ons een briefadres ontvangen. Door het aanvragen van een briefadres kunnen ze weer post ontvangen en aanvragen doen op zaken waar ze recht op hebben.

Mijn rol binnen de Pilot was het aandragen van jongeren die dakloos waren. Met liefde heb ik twee jongeren aangemeld die een woning toegewezen hebben gekregen. Hier heb ik verdere ondersteuning geboden in het aanvragen van toeslagen, het inrichten van de woning met de basis levensbehoeften en het bieden van een luisterend oor voor de jongeren die op dat moment een enorme verandering mee maakten. Het begint voor ons bij “motivatie”. Deze doelgroep kent tegenslagen waardoor het soms lastig is om positief over de toekomst te blijven. Vooral als je geen onderdak hebt. Het moment dat ze bij ons binnenkomen denken ze nog in ‘onmogelijkheden’. Voor ons een uitdaging om de mindset te veranderen naar ‘mogelijkheden’. Dat is wat wij bij elk persoon, weer willen bereiken."

Kan jij iets vertellen over de jongeren die jij begeleidt en die nu een woning hebben gekregen?

"De gemeente Almere heeft recent een aantal woningen kunnen toewijzen aan dak- en thuisloze jongeren. De jongeren waren dakloos en hadden ook (weinig) perspectief voor hun toekomst. Toen het bij hen duidelijk werd dat zij een woning toegewezen kregen, zag ik een enorme verandering in hun mindset. Deze mogelijkheid maakte dat de jongeren een andere denkwijze hebben aangenomen. Opeens waren er (veel) plannen voor de toekomst en waren zij gemotiveerd om deze dromen ook na te gaan. 
Hier volgt een mooi gesprek die ik met één van de jongeren heb gehad. Hij gaf aan “Weetje, ik heb nooit gedacht dat ik de 25-jarige leeftijd zou halen”. Vervolgens gaf hij aan dat hij veel ellende heeft meegemaakt omdat hij van jongs af aan verantwoordelijk was voor zijn eigen slaapplek. Dit maakt dat hij veel nare dingen gezien heeft waardoor hij die gedachtegang ontwikkeld heeft. Hij was zo blij toen hij te horen kreeg dat, hij één dag na zijn 25ste verjaardag, zijn woning in mocht. “Dit is echt het mooiste verjaardagscadeau dat ik ooit heb gehad”, gaf hij aan. Ik kreeg er kippenvel van!"

Waarom zet je je in voor deze jongeren?

"Ik ben van mening dat elk jongere gelijke kansen in het leven verdient om het beste uit zichzelf te kunnen halen. Wanneer jij niet tot rust kan komen omdat je daar gewoon geen plek voor hebt, is het lastig om positief te denken en blijven. Het zelfde geldt voor plannen maken voor de langere termijn. Ik ben zelf ook 25 jaar en ik kan het mij niet voorstellen dat je geen dak boven je hoofd hebt en dat je daarnaast over je ”ideale” toekomst moet nadenken. Deze jongeren wil ik ondersteuning bieden zodat zij rust en hoop hebben voor de toekomst."

Je bent afgestudeerd aan Windesheim en hebt voor je scriptie een methode ontwikkeld m.b.t. voorkomen van criminaliteit onder jongeren. Kun je daar iets meer over vertellen?

"Dat is Sociaal Integratie en Veiligheid Ondersteuning (SIVO-methode). Deze methode richt zich op de begeleiding en ondersteuning van jongeren die een verhoogd risico lopen tot criminaliteit. De doel hiervan is om risicovol gedrag af te buigen en criminaliteit te (helpen) voorkomen. De jongere ontvangt daarbij begeleiding van zowel een ervaringsdeskundige als een vrijwilliger van Stiching Surant. De ervaringsdeskundigen kunnen het beste met de jongere spiegelen en de vrijwilliger heeft een sociaal en/of juridisch achtergrond. Dit traject duurt gemiddeld negentien weken (exclusief nazorggesprekken). Dit staat echter niet vast omdat het in wezen een oneindige cyclus is. Het wordt zo kort mogelijk en zo lang als nodig geacht, ingezet. 
Met mijn scriptie gaan wij vanuit stichting Surant samenwerken met het lectoraat van Windesheim Flevoland. Windesheim neemt deel aan het landelijke project Maatschappelijke Diensttijd (MDT). Met de SIVO-methode hebben wij een gezamenlijke aanvraag ingediend voor het uitbreiden van de MDT. Jongeren die deelnemen aan de MDT krijgen de mogelijkheid aangeboden om hun kwaliteiten en talenten te ontwikkelen, waarbij zij hun sociaal netwerk vergroten én een positieve bijdrage leveren aan de ontwikkeling van een mede jongere in de samenleving."

Hoe zet jij je actief in om te voorkomen dat jongeren dakloos worden?

"Ik vind het belangrijk dat de jongeren vroegtijdig gesignaleerd worden. Vanuit Stichting Surant bieden wij een preventieve voorlichting genaamd “Gestolen Tijd”. Dit is in samenwerking met (ex-) gedetineerden opgezet om jongeren te behoeden van verkeerde keuzes en ze te informeren over de gevolgen van dien. Ervaringsdeskundigen van Surant gaan langs scholen, buurthuizen en jeugdinrichtingen om hun verhaal met de jongeren te delen. Na de voorlichting(en) gaan wij in gesprek met de zorgcoördinatoren en de jongeren zelf. Hier is het belangrijk om opvallend gedrag te signaleren. Wij willen graag in contact komen met jongeren die opvallend gedrag vertonen en eventuele (preventieve) ondersteuning behoeven. Daarnaast vinden wij het belangrijk dat jongeren een gezonde dagbesteding hebben en zich blijven ontwikkelen."

Virginia en Emma: "Als we een oplossing gevonden hebben voor een jongere, denk ik: wat een fijn werk heb ik toch!" 

Almere is een van de 14 gemeenten/regio’s die meedoet aan het landelijk Actieprogramma Dak- en Thuisloze Jongeren. Onderdeel hiervan is de pilot terugdringen dak- en thuisloze jongeren. Samen met maatschappelijk partners in de stad zijn belangrijke stappen gezet. In een reeks interviews vertellen wij meer over de pilot. Virginia en Emma werken bij Burgerzaken en zijn betrokken bij de pilot en de briefadressen. Wij waren benieuwd naar hun ervaringen en samenwerking in de pilot. 

Wat doen jullie binnen de gemeente?

Emma: "Ik werk nu 6 jaar bij Burgerzaken en 2 jaar bij adresonderzoek. Daar horen ook de aanvragen briefadressen bij. Ik heb ook een jaar handhaving gedaan en daar kom je ook in verschillende schrijnende situaties terecht, zoals mensen die dakloos zijn en helaas zitten daar ook veel jongeren bij. Daarom hebben we goed contact met het Leger des Heils, Kwintes, Surant, zorginstellingen en de GGD. Ieder dossier wordt individueel beoordeeld en als het nodig is kunnen wij maatwerk toepassen. Als we een oplossing gevonden hebben voor een jongere, denk ik: wat een fijn werk heb ik toch!” 
Virginia: "Ik werk sinds 2009 voor de gemeente en sinds januari 2018 bij Burgerzaken. Voorheen zat ik bij sociaal domein en was ik sociaal rechercheur. Door die combinatie weet ik best veel over de manier van werken binnen het sociaal domein. Ik merk dat ik dat dan gebruik om de verbinding te maken tussen die twee afdeling. Ik ben nu proces adviseur, maar bemoei me vooral met van alles.

Wat houdt het thuis- en dakloze jongeren pilot voor jou in?

Virginia: "Ik zag de pilot voor het eerst op Alforum staan en dacht ‘Daar is burgerzaken eigenlijk wel echt het startpunt in, want zonder adres begin je niks’. Toen heb ik contact gezocht met de projectleider en kwam zo bij de werkgroep. Ik heb in de werkgroep aangegeven dat als je mensen hebt die nergens staan ingeschreven, ze geen recht hebben op uitkeringen, huisvesting, etc. Dus burgerzaken is een mooie linking ping met de pilot en jongeren.

Wat is een briefadres?

"Een briefadres is een adres waar je niet woont, maar alleen post ontvangt. Met een briefadres ben je zonder woonadres toch bereikbaar voor de overheid. En kun je wel zaken regelen als bijvoorbeeld het aanvragen van een uitkering of een toeslag, studieregeling bij DUO, een zorgverzekering, etc. Wij hadden oorspronkelijk de briefadressen bij het Leger des Heils. Wij kwamen in gesprek met de projectleider van de pilot. Hierin kwam naar voren dat er mensen met briefadressen zijn bij het Leger des Heils en daar hun post moeten halen, terwijl ze onder andere worden begeleid door Kwintes en Surant. Het leek ons praktischer/handiger om dat alles bij elkaar te brengen. Jongeren die dan contact hebben met hun zorg verlenende instantie kunnen daar dan ook direct hun post ophalen. In deze pilot hebben we ervoor gezorgd dat de jongeren nu ook een briefadres kunnen hebben bij Surant en Kwintes. Dus je moet niet alleen op je eigen werkterrein zitten, maar ook met elkaar het gesprek aangaan: waar lopen we tegenaan en hoe kan je dat samen verbeteren. Wij weten wat we vanuit Burgerzaken kunnen en de projectleider ziet weer andere voorbeelden/winstpunten. Zo kom je gezamenlijk tot een mooi resultaat."

Wat vind je van de samenwerking tussen de gemeente en Kwintes en Surant?

Emma: "We hebben goede afspraken met Kwintes en Surant. We kunnen op elkaar vertrouwen, we hebben korte lijnen en werken goed samen voor onze client."

Heb je direct contact met deze jongeren en hoe gaat dat?

Emma: "Ja; telefonisch, per mail en met de begeleider. Als het nodig is, kan er altijd een persoonlijk gesprek gepland worden op kantoor. We bellen ook vaak aan het begin van de aanvraag ‘briefadres’ en ook na de toekenning van het briefadres. Dus we hebben best vaak contactmomenten. In onze functie moet je ook echt wel je in de situatie van de dakloze jongere kunnen verplaatsen. Er wordt daarbij steeds meer van ons verwacht. Er komt veel meer bij kijken, het is niet alleen checken of iemand een briefadres mag ja of nee. We checken bij een verlening wat er het afgelopen halfjaar is gebeurd. Hebben ze actief gezocht naar een woning, hulp gezocht, etc. We willen ervoor zorgen dat er een plan van aanpak is en dat iemand goed terecht komt. Het is bij Burgerzaken niet alleen formulieren beoordelen, maar ook echt onderzoeken. Onze jonge doelgroep vindt het gewoon vaak moeilijk om een mailtje te sturen om al onze vragen te beantwoorden. Dus soms moet je de jongere bellen of uitnodigen voor een gesprek op kantoor. In onze functie moeten we ze adviseren, doorverwijzen en motiveren."

Waar ben je trots op?

Emma: "Op mijn team! Dat we elkaar goed informeren. Zodra wij ergens niet uitkomen dan komen we bij elkaar en gaan brainstormen. Daarnaast dat de samenwerking met verschillende instanties die de afgelopen jaren is verbeterd. We weten elkaar nu goed te vinden en dat is mooi."
Virginia: "We hebben het als gemeente goed ingericht. Dat we het sociale stuk oppakken en daarbij het persoonlijk contact niet vergeten."

Danielle Lanzaat: "Jongeren hebben gehuild van blijdschap"

Danielle Lanzaat werkt al ruim 25 jaar bij welzijnsorganisatie De Schoor, waarvan ruim 10 jaar bij Learn2Work. Ze is destijds gevraagd mee te doen met de pilot, samen met de jongeren. Als coach is ze verantwoordelijk voor een brede groep jonge, kwetsbare mensen; ze begeleidt hen in een leerwerktraject.

Wat houdt de pilot ‘terugdringen dak- en thuisloze jongeren’ voor jou in?

‘’Heel veel! Dit biedt namelijk kansen die echt een verschil maken voor jongeren: perspectief op wonen! Jongeren met huisvestingsproblemen ervaren veel stress wat het werken aan hun toekomstplannen in de weg staat. Dit project is een prachtig voorbeeld hoe het zou ‘moeten’ in Almere. ‘Moeten’ is een groot woord want huisvesting is voor meer mensen een probleem in Almere en Nederland. Voor ons gaat het erom dat wij vanuit de gemeente een rol hebben gekregen. Ook een stukje begeleiding en dat betekent veel voor ons. Vandaar dat we er ook met enthousiasme zijn ingestapt. Ik werd gebeld door de projectleider van de gemeente; dat enthousiasme gaven we door aan de jongeren. Dan kijk je naar zo’n jongere en zie je hoe dankbaar ze zijn. We hebben intakegesprekken gevoerd met jongeren en er zijn er echt een paar geweest die met tranen in hun ogen zaten. Dat betekent gewoon veel voor mij”.

Kan je iets vertellen over Learn2Work binnen De Schoor?

“Learn2Work is een leerwerktraject voor per jaar 50 jongeren met een afstand tot de arbeidsmarkt of school. Het ROC, woonbegeleiding, ambulante hulpverlening en andere samenwerkingspartners leiden deze jongeren naar ons toe. Ze komen bij ons 4 dagen in de week, het is maatwerk. Ze krijgen klassikale lessen: stukje theorie, zoals bijvoorbeeld Nederlands en rekenen. Zodat ze goed aansluiten op het ROC. Daarnaast krijgen ze ook een paar praktijklessen en kijken we samen naar hun dagritme, wat ze doen in praktijk, hoe ze dingen oppakken, hoe hun leerhouding is. We coachen hen op diverse leefgebieden: hoe gaat het met huisvesting, financiën, vrije tijd en hoe staan zij in hun sociale netwerk.

Hoe heb jij 6 jongeren gevonden voor de woningen?

“Dat waren 6 jongeren die wij coachen… We hebben vooral gekeken naar jongeren die in nood waren, dakloos, maar met potentie. Op basis daarvan hebben we de jongeren geselecteerd. Dit zijn dus jongeren die bij ons bekend zijn, en in een traject zitten.”

Ben je vaak in contact met jongeren?

“Alleen maar, en daar ligt ook ons kracht. Contact opbouwen en onderhouden, daar zijn wij goed in. Toen corona uitbrak, hadden we ook dagelijks contact met de jongeren. We gingen wandelingen met ze maken en gingen naar ze toe. Ik vind het totaal niet moeilijk om met deze jongeren om te gaan. Het is het mooiste wat er is. Ik ga elke dag met veel plezier naar mijn werk. Dit is mensenwerk en ik doe het met passie.”

Hoe richten zij hun woning in omdat ze waarschijnlijk weinig budget hebben?

“Het Kansfonds heeft 2.000 euro per woning beschikbaar gesteld om hun woning in te richten. Zij geven de jongeren hiermee een mooie opstap, dat is gewoon fantastisch. Ik zie hoe jongeren creatief worden met een budget. Samen maken we een begroting: hoeveel kost het, wat heb je nodig; we kijken naar zoveel aspecten. Het moment dat we zeiden dat ze nóg een verrassing kregen, die 2.000 euro voor de inrichting… Nou sommige jongeren hebben echt gehuild van blijdschap.”

“We zijn ook met alle jongeren bij elkaar gaan zitten om te sparren. Ik heb gezegd, “Noteer maar wat je wilt, de kosten, bedrijfsnamen, etc.” Zo hebben ze allemaal bij een winkel een kookplaat gekocht en daardoor kregen ze een hele hoge korting. Je zag ze echt groeien, die jongeren!  Hun zelfwaardering is vaak laag en bij ons maken ze echt stappen. Door de pilot kregen de jongeren ook onderlinge verbinding, dat is goed voor hun sociale vaardigheden.”

“De volgende stap is dat ze het moeten gaan doen. Dat het huis netjes is, dat ze huur betalen, etc. Daar komt ook nog wel wat bij kijken in de begeleiding die we geven. En de jongeren krijgen woonbegeleiding vanuit ambulant werk.”

Wat vind je van de samenwerking met de gemeente?

“Ik ben heel blij met de samenwerking en de projectleider van de pilot. We weten dat huisvesting lastig is maar dat betekent niet dat het niet lukt. We denken met z’n allen in kansen. We weten elkaar te vinden en bespreken casussen/situaties. Ik zie dat het netwerk sterker is geworden, we worden gezien en gewaardeerd als organisatie.”

Ex-dakloze jongere Jalal kreeg een eigen woonplek

Jalal, een ex-dakloze jongere die via Stichting Kwintes werd geholpen aan een eigen woonplek, geïnterviewd door ervaringsdeskundige Jeffrey Muntenaar. Jeffrey is werkzaam bij Stichting Kwintes en werkt o.a.. op Vovend-J (de nachtopvang voor dak -en thuisloze jongeren tot 23 jaar) en is daarnaast ook lid van klankbordgroep(en) bij Gemeente Almere.

Voorstellen: wie ben jij, wat is je achtergrond en hoe ben je terecht gekomen bij Kwintes?

“Ik ben Jalal, 23 jaar en geboren in het Flevoziekenhuis van Almere. Op hele jonge leeftijd, waar ik geen herinnering meer aan heb, ben ik met mijn ouders teruggegaan naar hun geboorteland in Jordanië. Daar ben ik grootgebracht door mijn ouders en ben hier ook naar de basis- en middelbare school gegaan. Vervolgens ben ik naar het hoger onderwijs gegaan om ICT te studeren; ik ben afgestudeerd en heb mijn diploma behaald in 2019.

Ik kon alleen wonen, werken of studeren in Jordanië als ik een geldig ‘verblijfsdocument’ bezat en moest dubbel lesgeld betalen, omdat ik niet over de  Jordaanse nationaliteit beschik. Het directe gevolg hiervan was dat ik uiteindelijk werd uitgesloten, waardoor mijn ambitie om door te studeren aan de universiteit in duigen viel. Aangezien ik niet mocht werken, had ik geen geld om mijn opleiding te betalen. Uiteindelijk leidde dit tot een noodgedwongen vertrek en keerde ik terug naar Nederland.”

Kennismaking: toen jij je meldde bij de daklozenopvang van Kwintes, wat ging er door jou heen?

“Ik vond het moeilijk om weg te gaan uit Jordanië, want in mijn ogen is het mijn thuisland. Dit voelde voor mij als een enorme afwijzing. Eenmaal geland op Nederlandse bodem had ik geen idee wat ik moest doen en waar ik heen kon gaan. Daarbij sprak ik geen woord Nederlands en had ik geen enkel idee in welke maatschappij ik was beland. Ik moest op zoek naar hulp en gelukkig waren er voldoende hulpinstanties die bereidwillig waren om mensen te helpen. Ik kwam uiteindelijk bij Kwintes Almere terecht in de dak- en thuisloze opvang en zij hebben mij ‘op weg geholpen’ in het vinden van mijn ‘plek’ in de maatschappij en richting een eigen woonplek.”

Verdieping: wat gebeurde er toen je hoorde dat je een woning kreeg en hoe is dit gelopen?

“Voordat ik het goede nieuws ontving, woonde ik al ruim anderhalf jaar op kamers in een tussenvoorziening en sprak ik wekelijks met mijn persoonlijke begeleider af. Hij hielp mij bij het vinden van een opleiding en naar woonruimte via Woningnet naar een eigen plek, want mijn tijd in de voorziening liep af. Ik woonde met drie andere huisgenoten in hetzelfde huis en moest alles delen; het was gehorig en mensen maakte het vies, dit was soms best frustrerend. Toen ik eenmaal het nieuws ontving was ik ‘superblij’ en kon in eerste instantie niet geloven dat dit echt was. Nu woon ik inmiddels al twee in mijn nieuwe woning en ben ontzettend blij met mijn eigen appartement. Ik ben alles nu naar mijn eigen smaak aan het inrichten en heb met hulp zelf de vloer gelegd.”

Toekomstplannen: welke wensen heb je nog en wat zijn je ambities

“Het gaat heel erg goed met mij. Als ik terugkom van mijn werk of studiedag, dan ben ik blij dat ik een eigen ‘plek’ heb en met niemand iets hoeft te delen. Mijn wens is om na mijn studie bij een elektrotechnisch installatiebedrijf te gaan werken, die zich ook specialiseren in domotica-systemen. Dit is mijn ideale droombaan!”

Etienne: "Teamwork is alles binnen de pilot terugdringen thuis- en dakloze jongeren"

Almere is een van de 14 gemeenten/regio’s die mee doet aan het landelijk Actieprogramma Dak- en Thuisloze Jongeren. Onderdeel hiervan is de pilot terugdringen dak- en thuisloze jongeren. Samen met maatschappelijk partners in de stad zijn belangrijke stappen gezet. In een reeks interviews vertellen wij meer over de pilot.

Etienne werkt al sinds 1999 bij welzijnsorganisatie De Schoor, waarvan ruim 13 jaar als ambulant jongerenwerker (Almere Buiten). Hij is destijds gevraagd mee te doen met de pilot, Een samenwerking tussen Welzijn en Handhaving. Als ambulant jongerenwerker ondersteunt hij kwetsbare inwoners. Etienne kijkt naar de zorgsignalen, hulpvragen en hij begeleidt jongeren naar zorginstellingen, werk en school. Kernwoorden voor hem zijn: contact, signalen opvangen en netwerk.

Wat houdt de pilot terugdringen thuis- en dakloze jongeren voor jou in?

Het begon allemaal met het project ‘Spookjongeren’. Dat zijn jongeren die niet bij de gemeente Almere stonden ingeschreven (Basisregistratie personen). Dat betekent dat zo’n jongere in de samenleving kansloos is want hij komt niet meer in aanmerking voor zorg, scholing, aanvraag uitkering, etc. "Het doel van dit project voor mij was en is om de jongeren op de radar te laten komen bij de gemeente. Door het aanvragen van een briefadres kunnen ze weer post ontvangen en aanvragen doen op zaken waar ze recht op hebben. Het was niet gemakkelijk om deze jongeren te vinden. Dakloos betekent niet altijd dat ze op straat slapen, want vaak slapen ze tijdelijk her en der; bij vrienden, familie, kennissen, etc. En het zijn niet alleen jongeren die uit multi problematiek gezinnen komen, maar soms ontstaat dit door bijvoorbeeld hoge schulden in een doorsnee gezin."

Wat vind je van de samenwerking met de gemeente en andere partners?

"Tijdens de pilot is de samenwerking met Handhaving heel belangrijk geweest. Ook is de samenwerking met de projectleider van de gemeente uitstekend. We hebben bovendien goed contact met een beleidsadviseur van de gemeente en de lijntjes zijn kort. De samenwerking is echt van meerwaarde omdat mensen met je mee denken en weten waar ze het over hebben. Dat praat ontzettend fijn. Eerder gaf ik aan dat het niet gemakkelijk was om die jongeren te vinden. Samen met Handhaving en andere partners trekken we op om jongeren te vinden. Ook gaan we op huisbezoek. Dan is het mijn rol om te kijken wat voor zorgvraag de jongeren hebben, wat is de reden dat deze jongeren dakloos zijn. Mijn taak is dan om door te pakken zodra we de motieven weten. Daarnaast werk ik ook samen met ketenpartners in Almere Buiten. In dat netwerk zitten o.a. politie en jeugd-boa’s. Samen met deze ketenpartners zit ik wekelijks samen aan tafel. De brede en integrale aanpak."

Hoe zit het met het vertrouwen en de jongeren?

"Veel beter en ze zeggen het ook! Sterker nog, wat we nu meemaken is dat voormalige dakloze jongeren nu andere dakloze jongeren tippen en doorverwijzen. Je moet als ambulant jongerenwerker wel laten zien dat je het echt aanpakt. Vaak duurt het proces te lang, dus dan is het aan mij de taak om heel snel te schakelen. Bijvoorbeeld door te regelen dat ze een briefadres krijgen zodat ze hun opleiding of werk weer kunnen oppakken. Je kan niet in deze pilot zeggen ‘we komen pas over drie weken bij je terug’. De jongeren zijn vaak sceptisch, dus wij moeten wel laten zien hoe het anders kan."

Kan je iets vertellen over de flyer die je gebruikt?

"Dit is een flyer waarop staat hoe je aan een briefadres komt, waarom dat belangrijk is en mijn gegevens. Deze flyer heeft ontzettend goed gewerkt en was een briljant idee van de projectleider! Ik kon op een gegeven moment alle flyers ophalen. We zijn bij veel scholen geweest en hebben dakloze jongeren ingezet om andere jongeren in dezelfde situatie te benaderen. Dus we zagen een mooi effect. Hoe het werkt: Ze komen via de flyer naar ons Gebiedskantoor in Almere Buiten. Ze drinken bij ons een kop koffie. Voor mij is het dan erg belangrijk om zo achter hun motieven te komen. Daarnaast is ook de nazorg belangrijk want je moet met hen in contact blijven. Dat gebeurt vaak via de telefoon of we maken meteen een afspraak. Ze komen regelmatig langs, want ze hebben het gevoel dat we slagen maken. Nog een goed idee is dat ik op het gebiedskantoor de aanvraagformulieren heb liggen voor een briefadres. Als een jongere bij mij komt, kunnen we die gelijk samen invullen. Daarna zorgen we voor een kopie van zijn ID voor de gemeente. Ik zorg dat ik contact opneem met de contactpersoon van de gemeente. Die zorgt dat de aanvraag goed wordt afgehandeld. Dit geeft veel vertrouwen aan de jongere. We zitten nu op 39 jongeren die we samen met Handhaving hebben gevonden. Met al die jongeren hebben wij contact."

Wat is ‘Outreachend’ werken?

"Dat houdt in dat je niet geduldig achter je bureau gaat afwachten tot mensen hulp vragen. Maar zelf initiatief neemt door mensen op te zoeken en hulp en diensten aan te bieden. In dit geval zijn we de jongeren gaan zoeken. Het is echt  met ketenpartners en de jeugd boa’s de straat op gaan. Dit is geen prestatie van een  persoon maar teamwork."

Waarom zet je je in voor deze jongeren?

"Ik word somber en triest als ik luister naar de problematiek waar jongeren tegen aanlopen en wat de oorzaken zijn geweest waardoor ze dakloos zijn geworden. Dat zijn heftige verhalen. Denk aan: misbruik, drugverslaving, etc. Het gaat om een situatie waaraan ze over het algemeen weinig kunnen doen. Als ik een gesprek voer met een jongere, zie ik dat ze het eigenlijk al hebben opgegeven. Daar zit voor mij de uitdaging. Er alles uit te halen. ‘Kom op, schouders eronder en we doen dit samen’."

Nathalie en Samir: "Je moet echt luisteren naar hun wensen"

Nathalie en Samir zijn klantmanagers Jongeren binnen Werk en Inkomen en zij zijn destijds voor de pilot gevraagd. Klantmanagers zijn verantwoordelijk voor een brede groep kwetsbare mensen, zoals in dit geval de jongeren in de pilot.

Wat houdt de thuis- en dakloze jongeren pilot voor jou in?

Nathalie: "Voor mij persoonlijk is het een verdieping van de reguliere afspraken. We hebben de cursus Stress Sensitieve Dienstverlening (SSD) gedaan. Je leeft je dan in wat stress doet met een mens. Dan ga je nog beter nadenken hoe je dingen gezamenlijk kunt oppakken. Deze cursus is echt een aanrader, ook voor collega’s van andere afdelingen die met klanten werken. Je ervaart hoe collega’s van andere afdelingen over hun werkproblemen en mogelijke oplossingen praten. Dat zorgt voor verbinding met je collega’s en je denkt met elkaar mee. Eye opener voor ons: ze zijn aan het overleven; een slaapplek regelen, eten en drinken en niet bezig met “laat ik die gemeentebrief eens lezen”. We sturen ze daarom niet de standaarduitnodiging, maar een aangepaste. Ook appen we met sommige klanten om zo beter aan te sluiten op hun behoeftes. Dat werkt veel effectiever." Samir: "Echt denken vanuit de client. In de meeste gevallen zijn het jongeren die te maken hebben met multi problematiek. Dus jongeren die veel te maken hebben met verschillende instanties."

Hoe is nu de samenwerkingen met collega’s en partners?

Samir: "We hebben ook gezeten met collega’s van de gemeente Haarlem en gekeken hoe zij het doen. Dat vond ik heel inspirerend. Ook zij werken op een laagdrempelige manier via Whatsapp. Vanuit de gemeente werken we met verschillende partners zoals: Kwintes, Leger des Heils en Surant en daarvan uit krijgen wij weleens een melding van dakloze jongeren. Binnen onze gemeente hebben we ook het inloop Dak- en Thuisloze spreekuur. Maar sommigen melden zich ook via de digitale weg. Zo komen ze bij ons in beeld. Wij werken nu met ongeveer 17 jongeren. Omdat ze een uitkering hebben, kennen we ze. Maar jongeren zonder uitkering zijn veel lastiger te vinden."

Waar zijn jullie trots op?

Samir: "Ik heb op een gegeven moment een jongere gebeld met ‘wat wil je graag?' en hij gaf aan dat hij wilde werken. Toen heb ik een uitzendbureau gebeld en binnen twee dagen had hij werk. Afgelopen week heb ik hem geappt hoe het ging en zo houd ik contact met hem. Je moet echt luisteren naar de wensen van de klant." Nathalie: "Een ander mooi voorbeeld: Wij hebben ook een kamernetaccount want voor deze jongeren is het abonnement gewoonweg te duur. Nu houden wij kamers in de gaten voor hen. Dat vind ik ook een mooi voorbeeld vanuit de gemeente."

Waar zouden we de jongeren mee kunnen helpen?

Woonruimte is heel belangrijk! Er is gewoon te weinig betaalbare woonruimte. Maar dat geldt eigenlijk voor iedere jongeren. En vinden we woonruimte? Dan is nog niet elke dakloze jongeren er mee geholpen omdat ze zoveel problemen in hun hoofd hebben. Samir: "Een ander veel voorkomend probleem is dat er ook jongeren zijn die grote schulden hebben en waarvan de ouders/familie niet willen dat ze weer bij hen worden ingeschreven. Ze willen niet verantwoordelijk worden voor de schulden van hun kind. Ze denken dan dat de deurwaarder voor hun deur staat en dan nemen ze ook de spulletjes van de ouders mee. En er zijn ook ouders die zelf een uitkering hebben. En komt hun kind weer thuis wonen, dan gaat de kostendelersnorm weer spelen, denken ze. Dan zijn ze bang dat ze worden gekort op hun uitkering. Maar dat is niet het geval. Jongeren onder de 21 jaar vallen niet onder de kostendelersnorm. Het zou dus helpen als deze ouders op de hoogte zouden zijn."

Wat komt jullie drijfveer vandaan? 

Samir: "Dat je iemand die in de put zit, kan helpen. Ze zijn nog zo jong en ze hebben alleen een duwtje in de rug nodig. Dat is mijn drijfveer!" Nathalie: "Voor mij is dat hetzelfde. Ik vind het ook belangrijk dat de jongeren ons kunnen vertrouwen en dat ze ons in de toekomst nog gemakkelijker vinden. Zo mogen ze ons bij de voornaam noemen, dus dan is dat lijntje al korter. Geen mevrouw of meneer, lekker laagdrempelig."