Direct naar paginainhoud

Slavernijmonument

Ontdek het slavernijmonument op het Mandelaplein in Almere. Dit monument helpt om aandacht te vragen voor het slavernijverleden en mensen hierover na te laten denken.

Achtergrond

Het slavernijmonument is een bronzen beeld van 3 meter hoog. Het laat een sterke man zien met een ontbloot bovenlichaam. Hij heeft zijn ketenen afgeworpen en tilt zijn baby omhoog als teken van hoop en een betere toekomst.

De man stapt met één been over het slavernijverleden heen. Dit verleden is te zien in verschillende scènes, zoals Fort Elmina in Ghana, slavenschepen en symbolen van rijkdom uit die tijd, zoals de Gouden Koets en het Paleis op de Dam.

Met zijn andere been zit hij nog vast in het verleden. Dit laat zien dat de geschiedenis van slavernij nog steeds invloed heeft op het heden.

Het slavernijmonument is geplaatst op initiatief van Comité 30 juni/1 juli Flevoland en met steun van gemeente Almere. Het is gemaakt door Patrick Mezas. Hij is een beeldend kunstenaar uit Almere.

Ontdek het slavernijmonument

We starten de tour bij de reliëfjes naast het linkerbeen van de man, links naast het jaartal 1863.

1. Ontvoering slaven uit Afrika

Hier zie je hoe Afrikanen werden meegenomen om als slaaf te werken. Deze gruwelijke slavenhandel duurde honderden jaren. Europese landen zoals Portugal, Spanje, Groot-Brittannië, Frankrijk en Nederland deden hieraan mee. Zij brachten Afrikaanse mannen, vrouwen en kinderen naar Amerika om op plantages te werken.

Mensen werden vaak gevangen tijdens aanvallen op hun dorpen of doordat leiders hen verkochten. De reis over zee was zwaar en gevaarlijk. Veel mensen kregen te maken met geweld, honger en ziektes.

Deze geschiedenis van slavernij en ontvoering heeft diepe littekens nagelaten.

Meer informatie:

 

2. Fort Elmina Ghana

Links zie je Fort Elmina in Ghana. Dit is een van de oudste Europese gebouwen ten zuiden van de Sahara. Het fort staat symbool voor de Europese kolonisatie in West‑Afrika.

De Portugezen bouwden het fort "São Jorge da Mina” in 1482 als handelspost voor goud, ivoor en slaven. In de 17e eeuw veroverden de Nederlanders het fort. Daarna werd het een belangrijke plek voor de Nederlandse slavenhandel. Hier werden tot slaaf gemaakte mensen verzameld voordat zij de reis over zee gingen maken.

Bij vertrek gingen zij door de “Gate of No Return”. Deze werd zo genoemd, omdat zij nooit meer terug konden naar hun vrije leven. Veel mensen stierven door slechte omstandigheden bij de reis over zee of later door het zware werk op plantages.

Nu is Fort Elmina UNESCO-werelderfgoed. Het herinnert ons aan de slavernijgeschiedenis en is bedoeld voor begrip en herdenking.

Meer informatie:

3. WIC-slavenschip

Vanuit Fort Elmina werden tot slaaf gemaakten op schepen gezet. Links zie je een schip van de WIC. Deze schepen werden ook wel “slavenhalers” genoemd. Ze waren speciaal gemaakt om mensen en goederen te vervoeren.

De West-Indische Compagnie (WIC) werd in 1621 opgericht. Het doel was handel drijven en koloniën stichten in het Caribisch gebied en Amerika. Zo ontstond de zogenoemde ‘driehoekshandel’.

Bij deze handel vertrok een schip vanuit Nederland naar West‑Afrika met goederen. Daar werden deze goederen geruild voor tot slaaf gemaakte Afrikanen, ivoor en goud. Daarna zeilde het schip naar Amerika. De Afrikanen werden daar verkocht en moesten zwaar werk doen op plantages, bijvoorbeeld met suiker, koffie, cacao of katoen. Met de opbrengst van de verkochte tot slaafgemaakten werden producten van de plantages gekocht en teruggebracht naar Nederland.

Zo’n reis duurde vaak ongeveer anderhalf jaar. Tijdens de reis staken de schepen meerdere keren de Atlantische Oceaan over. De schepen van de WIC staan bekend om hun rol in de slavenhandel. Mensen werden onder verschrikkelijke omstandigheden naar West-Indië gebracht. Dit had grote en verdrietige gevolgen voor velen.

Meer informatie: 

4. Gezinnen uit elkaar gerukt

Honderden jaren lang werden gezinnen uit elkaar gehaald. Links naast het WIC‑schip zie je daar een afbeelding van. Tijdens de slavenhandel werden Afrikaanse families van elkaar gescheiden. Op deze manier wilden handelaren en eigenaren controle uitoefenen op tot slaafgemaakten en voorkomen dat zij in opstand kwamen.

Het uit elkaar halen van families zorgde voor veel verdriet en pijn. De gevolgen waren groot, niet alleen toen, maar ook voor de volgende generaties. 

Het is belangrijk om deze wrede geschiedenis te begrijpen en te erkennen. Zo kunnen we werken aan rechtvaardigheid en verzoening.

5. Martelmethode de Spaanse Bok

Naast het beeld van gezinnen die uit elkaar zijn gehaald zie je ook de “Spaanse bok”. Dit was een wrede straf uit de tijd van de slavernij. Mensen werden toen vaak gemarteld, zowel lichamelijk als geestelijk. Geseling, het slaan met een zweep, werd veel gebruikt om mensen bang te maken of te straffen. Dit zorgde voor veel pijn en verwondingen.

De Spaanse bok was een gruwelijke straf. Bij deze lijfstraf werden de handen vastgebonden. Daarna wrong men de knieën tussen de vastgebonden armen door. Daarna werd er een stok tussen de armen en knieën gestoken. Deze stok werd stevig in de grond vast gemaakt. Deze straf werd soms meerdere keren gedaan.

Pas in 1784 werd deze vorm van straf verboden. 

Meer informatie: 

6. Slavernij op de plantages

Daarna zie je mensen aan het werk op plantages. Dit was typisch voor de koloniale tijd in onder andere de Verenigde Staten, Brazilië, Suriname en de Caribische eilanden. Zij moesten gewassen verbouwen zoals suiker, katoen, cacao en koffie.

Het werk was zwaar. Mensen maakten lange dagen, kregen te weinig eten en werden vaak slecht behandeld. Gezinnen werden uit elkaar gehaald en er was altijd angst voor straffen.

De landen die deze koloniën bestuurden, verdienden veel geld met dit werk. De rijkdom kwam voor een groot deel door de arbeid van tot slaaf gemaakte mensen.

De gevolgen van deze periode zijn nog steeds te voelen in de wereld van vandaag.

Meer informatie:

7. Jaartal 1863

Naast het beeld “Slavernij op de plantages” zie je het jaartal 1863. In dat jaar werd de slavernij afgeschaft in de Nederlandse koloniën Suriname en de Nederlandse Antillen.

Deze verandering kwam door mensen die tegen slavernij waren en door veranderingen in de politiek. De eigenaren van plantages kregen geld voor elke tot slaafgemaakte die vrijkwam.

Toch waren de mensen niet meteen echt vrij. Na 1 juli 1863 moesten zij nog 10 jaar werken als contractarbeider. Zo moesten zij als het ware hun vrijheid afbetalen.

De afschaffing van de slavernij betekende ook niet dat ongelijkheid en discriminatie meteen stopten. Het duurde nog vele jaren voordat er meer gelijkheid en rechtvaardigheid kwam voor de Afro-Caribische gemeenschappen.

Meer informatie: 

8. Jaartal 1873

We staan nu aan de voorkant van het beeld. Hier zie je het jaartal 1873.

Op 1 juli 1873 kwam er een einde aan de periode van 10 jaar die volgde op de afschaffing van de slavernij in 1863. In deze 10 jaar moesten de tot slaafgemaakte mensen nog verplicht werken op de plantages.

Deze regeling was er vooral om de belangen van plantage-eigenaren te beschermen. Het was een overgang van slavenarbeid naar betaalde arbeid.

Na 1873 waren de tot slaafgemaakte mensen vrij om de plantages te verlaten en zelf werk te zoeken. Toch bleven veel mensen daar werken. Vaak hadden zij geen andere keuze of zij hadden daar hun leven opgebouwd met familie en vrienden.

9. De gouden koets

Op de bovenste ring zie je symbolen van de rijkdom die Nederland kreeg tijdens de slavernijperiode. Een voorbeeld is de Gouden Koets. Op deze koets staan afbeeldingen die het koloniale verleden laten zien en soms een positief beeld geven van die tijd. Daarom is de koets onderwerp van discussie.

De Gouden Koets staat ook symbool voor de Gouden Eeuw: een periode waarin Nederland veel welvaart opbouwde. Een deel van deze rijkdom is verdiend door het werk van tot slaafgemaakte mensen.

In 2015 is de koets uit gebruik gehaald voor herstel en vanwege de discussie over de afbeeldingen. Deze discussie laat zien dat Nederland nog steeds worstelt met het koloniale verleden en het erkennen van de rol van slavernij daarin.

Meer informatie: 

10. Paleis op de Dam

Naast de Gouden Koets zie je het Paleis op de Dam in Amsterdam. Het gebouw is hier te herkennen aan de tekst “suiker”.

Het Paleis op de Dam was vroeger het stadhuis van Amsterdam. Het werd gebouwd tussen 1648 en 1665, in de tijd van de Gouden Eeuw. In die periode was Nederland rijk en machtig, mede door handel en kolonies.

In het paleis kwam ook de Sociëteit van Suriname bijeen. Dit was een organisatie die in 1683 werd opgericht om de kolonie Suriname te besturen en er geld mee te verdienen.

Later, in 1808, werd het gebouw een paleis. Dat gebeurde toen Lodewijk Napoleon koning van Holland werd.
Het Paleis op de Dam staat nog steeds symbool voor de rijkdom en macht van Nederland in die tijd.

Meer informatie:

11. West Indisch Huis, WIC Amsterdam

Links hiervan zie je het West-Indisch Huis van de WIC. Je herkent dit aan de tekst “cacao”.

De West-Indische Compagnie (WIC) was een belangrijke handelsorganisatie in de Gouden Eeuw. De WIC werd opgericht in 1621. Het doel was handel drijven en koloniën opzetten in het Caribisch gebied en in Noord- en Zuid-Amerika. De WIC handelde in producten zoals suiker, cacao en koffie en ook in tot slaafgemaakten.

De WIC speelde een grote rol in de slavenhandel. Afrikanen werden ontvoerd en naar Amerika gebracht om daar als slaven op plantages te werken. Dit leverde de WIC en Nederland veel geld op.

De WIC voerde ook militaire acties tegen andere Europese landen. Zo bouwden ze langs de kusten van Afrika en Amerika forten en begonnen meer plekken om te handelen.

In 1791 ging de WIC failliet. De geschiedenis van de WIC laat twee kanten zien: economische groei voor Nederland, maar ook veel leed door slavernij en uitbuiting.

De WIC handelde ook in cacao. Deze cacao kwam vooral uit Amerika en werd naar Europa gebracht. Daar werd het een belangrijk product voor bijvoorbeeld chocolade.

12. MCC-gebouw Middelburg

Links naast het West Indisch Huis zie je het MCC‑gebouw in Middelburg. Dit herken je aan de tekst “koffie”. Het gebouw hoorde bij de Middelburgsche Commercie Compagnie (MCC). Dit was een handelsbedrijf uit de 18e eeuw.

De MCC werd opgericht in 1720. Het was een particuliere handelsonderneming die actief was in verschillende gebieden, zoals rond de Atlantische Oceaan en de Middellandse Zee. De MCC deed ook mee aan de driehoekshandel en de slavenhandel.

Vanaf 1756 richtte de MCC zich vooral op het vervoeren van tot slaaf gemaakte mensen. Het bedrijf organiseerde meer dan 200 reizen over zee, waarbij mensen werden verhandeld. 

Tegenwoordig is het MCC‑gebouw een historisch monument. Het laat zien dat Middelburg vroeger een belangrijk centrum was voor handel en scheepvaart. Tegelijk herinnert het ons aan de rol van Nederland in de slavenhandel en de uitbuiting van mensen.

Meer informatie: 

 

13. Mauritshuis Den Haag

Als laatste zie je het Mauritshuis met de tekst “katoen”.

Het Mauritshuis is een bekend museum in Den Haag. Het zit in een gebouw uit de 17e eeuw. Dit was vroeger het stadspaleis van Johan Maurits van Nassau. Hij was toen gouverneur van een Nederlandse kolonie in Brazilië.

Het museum is nu vooral bekend om schilderijen uit de Gouden Eeuw, van kunstenaars zoals Johannes Vermeer, Rembrandt van Rijn, Jan Steen en Frans Hals.

Johan Maurits was betrokken bij de slavenhandel. Tijdens zijn beleid in Brazilië groeiden de Nederlandse koloniën. Er kwamen meer suikerplantages waar tot slaaf gemaakte mensen moesten werken. Zijn beleid droeg bij aan de groei van de slavenhandel en slavernij. 

Meer informatie:

14. Littekens op zijn rug

We zijn nu helemaal om het monument heen geweest. Als we omhoog kijken zien we de littekens op de rug van de man. Deze littekens staan symbool voor de trans-Atlantische slavenhandel en de slavernij in Amerika.

Ze zijn het gevolg van zweepslagen en zware straffen die mensen kregen van hun meesters. Geweld werd vaak gebruikt om mensen bang te maken en gehoorzaam te houden.

De littekens laten zien hoeveel pijn en onrecht er was. Ze herinneren ons aan de harde en onmenselijke behandeling van tot slaaf gemaakte mensen.

Meer informatie:

15. Brandmerken op zijn borst

Aan de voorkant van het beeld zie je brandmerken op de borst van de man.

Deze brandmerken werden vroeger gebruikt om tot slaaf gemaakten te tekenen als eigendom. Met een heet ijzer werden letters of tekens in de huid gebrand. 

Dit werd gedaan om mensen te controleren en om te voorkomen dat zij zouden ontsnappen of in opstand kwamen. Het was een pijnlijke en vernederende manier om mensen te behandelen. 

De brandmerken laten zien hoe onmenselijk het slavernijsysteem was. Ze herinneren ons aan het verlies van menselijke waardigheid. Het is een donkere bladzijde in onze geschiedenis.

Meer informatie:

Illustratie Almere skyline
Geef jouw mening